Gastblogger Vincent neemt ons met met de 35 mm camera op een verkenning door de wereld van analoge fotografie.
Hij is inmiddels ook te vinden op Instagram met zijn project: 35mmbyvincent
Het is 11:00 uur. Ik leg mijn digitale camera in de auto en kijk naar mijn analoge camera. Ok, een klein rondje dan. Het eerste avontuur van mijn 35mm project, op de Cartier Heide, is begonnen.
Tech talk

Bij me heb ik de Olympus OM-1MD met drie Zuiko prime lensen van 28mm, 50mm en 135mm. De OM-1 is een volledig mechanische camera. De sluitertijd kies je door aan de ring te draaien die voor op het toestel zit. Het enige elektrische onderdeel, de lichtmeter, geeft doormiddel van een pijltje aan of de foto goed belicht is. Maar alleen als je de camera “aan” hebt staan. Op de lens zitten twee ringen. één voor het diaframa en de andere ring gebruik je om scherp te stellen. Blijven er nog twee knoppen en een hendeltje over. Hiermee kun je de foto maken, de iso instellen en het rolletje doorspoelen. En dat is het: een foto maken teruggebracht tot de basis.
Het rolletje van keuze is de Kodak Portra van 160 asa. Kodak staat bekend om zijn warme kleuren, dus dat past mooi bij de herfst. Verder is Porta een filmrol voor professioneel gebruik.
Het plan
Ik merk direct dat mijn aanpak anders is nu ik een mechanische camera met een rolletje in mijn handen heb. Omdat ik beperkt ben tot 36 foto’s bedenk ik van te voren welke foto’s ik aan het eind van de rit op mijn rolletje wil hebben. Als ik aan de herfst denk dan zie ik paddenstoelen, eenzame bladeren aan bomen. Bossen in de meest prachtige rode, gele en bruine kleuren. Mossen en kale vlaktes met laaghangende mist. Ik deel deze thema’s over 24 foto’s en heb ik eigenlijk direct een plan voor een serie. Ja, ik had een rolletje van 36 foto’s, maar je moet wel wat reserve houden voor het geval dat. Kortom deze beperking helpt me beter plannen en series maken.
Rode, Gele, (groene) en Bruine Kleuren
Allereerst ga ik op zoek naar de echte herfst kleuren. Ik kom een Larix tegen die zijn naalden aan het verliezen is. Tijdens het bepalen van de compositie komt er een paard en wagen langs. Automatisch draai ik de camera. Echter een foto nemen heeft zin. Ze zijn buiten focus, de belichting is anders en met een iso 160 zijn de sluitertijden te lang. Na de paarden volgt een hondenslee en later een dame met een hond. Ik leer al snel de les dat analoge fotografie traag gaat en dat je lef moet tonen als je mensen of dieren in je shot wilt hebben. Je moet ze immers (iets of wat) regisseren.




Eenzame bladeren
Tijdens dit rondje heb ik om diverse redenen een haat-liefde verhouding opgebouwd met de bladeren. Allereerst is daar het manuele scherpstellen. De OM staat bekend om zijn mooie heldere zoeker, en dat is hij zeker. En het blijft magisch wanneer dat geslepen matglas helder en doorzichtig wordt als het beeld in focus is. Maar het blijft pielen om het juiste blaadje op het juiste punt scherp te stellen. Daarnaast bewegen blaadjes nog eens een keer, dus als je ze dan in focus hebt mag je weer opnieuw beginnen. Kortom… geef mij maar autofocus.
Maar als het dan lukt…. Wat een diepe warme kleuren hebben die foto’s en wat krijgt dat bokeh een heerlijk waterig effect door die korrel. Liefde is misschien een te groot woord, maar door dit soort foto’s weet ik weer waarom ik met film schiet.




Zwammen
Ik lig languit op een dek met bladeren. De naald staat keurig in het midden dus mijn zwam is mooi uitgemeten. Het matglas is helder. Alles staat op groen om af te drukken. Maar de knop blokkeert. Het is de zoveelste keer dat ik vergeten ben het rolletje door te spoelen. Het is niet het enige wat ik vergeet. Als ik op mijn klok kijk blijkt dat er anderhalf uur zijn verstreken. Ik heb echter geen afspraken staan vandaag dus ga rustig verder. Een paar seconden later is het wel raak en is foto nr 7 van 36 genomen. En nr 8 volgt er direct achteraan. Ik merk dat ik de tijd neem om een mooie compositie te vinden en/of te maken. En als ik dan het perfecte plaatje heb gevonden, vind ik het ook niet erg om meerdere foto’s te maken. Ondanks dat dit direct van mijn “budget” van 36 foto’s afgaat. Ik merk ook dat ik steeds kritischer wordt. Vanwege mijn budget keur ik locaties en composities direct af als ze niet in mij top 4 staan. Niet achter de computer, maar gewoon in het veld.


Heide
Het is 13:30 in de middag. Een gure wind blaast om mijn oren. De ribbels van de sluitertijd ring staan in mijn vingers. Voor de laatste keer controleer ik of alles goed staat. Ik wacht even voordat ik afdruk om even van de omgeving te genieten. Een grote rust daalt op mij neer en doet een glimlach op mijn gezicht verschijnen. Daarna druk ik af. Een zachte “kling” is hoorbaar. Dan volgt de vertwijfeling. Waarom is de sluitertijd ineens zo lang? Twee foto’s later wordt de oorzaak duidelijk: de camera (dus lichtmeter) staat uit. Hiermee loop ik tegen een van de grote verschillen aan tussen analoog en digitaal fotograferen: de foto terugzien. Uit de kwaliteitskunde weet ik dat directe controle cruciaal is voor een goed eindproduct. Hoe eerder je een fout ontdekt des te eerder kun je je hem herstellen. Bij analoge fotografie zie je de foto pas in de winkel dus wordt je gedwongen alles vooraf goed te regelen. Doe je dat niet… dan is de foto mislukt of per ongeluk een pareltje geworden.
Daarom levert dit gemis ook extra spanning op. Fotograferen is ineens weer een avontuur geworden. Net zo spannend als navigeren op een kaart. Hopend dat je geen fout maakt en de scouting leiding je ergens uit een donker veld moet plukken. Want zeg nou zelf…. “Google maps killed all the fun”




Aan het einde van de dag.
Om 15:00 is het rolletje vol en stap ik in de auto. Het was een mooie herfstdag en daar heb ik dankbaar gebruik van gemaakt. Daar waar nodig heb ik ook nog iets toegevoegd om de foto’s net wat meer mee te geven. Zo gooide ik net voor het nemen van een foto een steentje om een mooie kring in het water te krijgen. Zette ik een afgebroken zwam op een fotogenieke plek. En sprak ik boswachters aan of ik ze op de foto mocht zetten. Kortom: ik was per foto veel intensiever en planmatiger bezig dan ooit tevoren. Ik was steeds op zoek naar een foto die recht deed aan de hoofdrolspelers en het waard was om het “budget”van 24 foto’s aan te spreken. En ondertussen vergat ik niet om zelf van de omgeving te genieten. Met en grijns van oor tot oor en een vol rolletje achter in de auto volgt de volgende spanning. Waren ze gelukt?

Verassing
Ik ben blij verrast. Op een paar onscherpe foto’s na zijn ze gelukt. Niet perfect, maar niets wat eventueel in photoshop lightroom kan worden opgelost. Een scheve compositie hier, een over- of onderbelichting daar. Eigenlijk de standaard zaken die ik bij een digitale foto ook altijd herstel, maar daarvoor nu niet de mogelijkheid heb gehad.
Ze zijn (als je niet te veel inzoomed) even scherp als mijn andere foto’s. Maar toch hebben ze een andere look en feel dan de rest van mijn portfolio.
Enerzijds is dit een technisch verhaal: Ik maak mijn foto’s standaard veel helderder en verhoog het contrast in de donkere en lichtere partijen. Door deze dosis peper en zout zie je veel meer detail in de foto. Anderzijds is het een gevoelskwestie. Zo lijken de groene kleuren sompiger, de bruine kleuren warmer en de rode kleuren voller dan bij mijn digitale camera. En als laatste is het een discipline verhaal: Ik heb gewoon aan elke foto meer aandacht besteed. En gaat het uiteindelijk daar niet om?!?

Met de voeten op tafel
Op het werk krijg ik te horen dat zitten het nieuwe roken is. En fotograferen is mijn reden geworden om er op uit te gaan. Daarom ook dat ik tegenwoordig vaker mijn OM-1 meeneem dan mijn OMD 1 mrkII. De OMD1 mrkII maakt ontegenzeggelijk betere foto’s maar aan het einde van de dag zit ik toch weer achter mijn computer om de foto’s net wat beter te maken. En dat wilde ik juist voorkomen.
Daarnaast is analoog fotograferen voor mij avontuurlijker. Enerzijds vanwege het back to basic fotograferen. Anderzijds omdat het fout kan gaan zonder dat je het weet. Als het dan toch lukt ga je zo’n foto toch meer waarderen. Een vriend van mij vertelde me ooit dat hij scouting vroeger leuker vond omdat je tijdens zwerftochten kon verdwalen. Je kon de kaart verkeerd lezen of bij de intrede van de GPS kon het GPS signaal wegvallen. Opgeven was geen optie dus je werd uitgedaagd om hiermee om te gaan. En dat leverde uiteindelijk de mooiste verhalen rond het kampvuur op. Nu is verdwalen bijna een kunst aangezien je deur tot deur navigatie hebt, zelfs op bospaden hoor je soms: “ga hier links af”
Naast de mooiere kleuren zijn de stoere verhalen misschien dat wel het “iets” wat ik mis bij digitaal fotograferen. Met mijn OMD-1 kom ik met prachtige foto’s thuis. Met mijn OM-1 met prachtige belevenissen en een frisse neus. En…. oh, ja foto’s.
Mijn om-1 ligt nu weer in de kast. Hij heeft er een broertje bij gekregen OM-4Ti en de lenzen set is uitgebreid met een macro lens. Mijn handen jeuken om ze uit te proberen. En wat als ik nu deze foto’s toch bewerk in photoshop? en….. Enfin, het 35mm avontuur is wat mij betreft nog lang niet ten einde.
To be continued dus.
Gr,
Vincent van Mullekom

