We komen graag op Texel.
Het is een heerlijk rustgevend en mooi eiland en hoewel de andere Waddeneilanden zeker hun charmes hebben, gaat onze voorkeur toch duidelijk uit naar het grootste van de Wadden. Het begint al als we Amsterdam gepasseerd zijn, dan begin je gewoon de rust al te voelen. En op het moment dat ’t Horntje opdoemt vanaf de veerboot, dan ben je weer een beetje thuis.
Hoewel je in een goed half uur van het ene eind naar het andere eind gereden bent, is er zoveel op het eiland te zien dat we nog heel vaak kunnen en willen terugkeren. Er is natuurlijk veel kustlijn en mooie duingebieden, zoals in de Slufter en bij de vuurtoren van de Cocksdorp, dorpjes als Oudeschild, de Koog en Oosterend zijn klein en gezellig en er is veel aan wildlife te vinden in Ecomare of tijdens boottochten en wadloopactiviteiten. Maar er is ook genoeg geschiedenis te vinden in het landschap. Neem nou de Loosmansduinen als voorbeeld, die al sinds de Middeleeuwen als strategische verdedigingspost gebruikt werden voor de Marinehaven van Den Helder. Na de val van Nederland in 1940 werden de bestaande kustbatterijen uitgebreid door de Duitsers als onderdeel van de Atlantikwall. Hoewel de meeste bunkers en geschutsposities ofwel verzwolgen zijn door zee en zand ofwel bewust gesloopt zijn, zijn enkele bunkers wel bewaard gebleven.
in 2009 bezochten we tijdens een wandeling in de Loosmansduinen de enigst overgebleven bunker, die diende als luchtafweer- en vuurleidingsbunker. Het waaide en de luchten waren mooi. Door de beweging hadden we het gelukkig niet koud, maar de warme koffie bij Paal 9 aan het einde van de wandeling was meer dan welkom. De dag erna stormde het en sloeg de regen horizontaal tegen de ramen van ons vakantiehuisje; Texel in een notendop. Veel gebieden en fotomogelijkheden heb ik nog niet kunnen vastleggen, dus we zullen er nog vaker terugkeren. En dan niet alleen voor de foto’s, maar ook voor de sfeer, de rust en de ruimte.
Een impressie van de mooiste foto’s van Texel vind je in mijn portfolio.


Geef een reactie